Venrodse kermis

“Vur de klaen jonge is ‘t perdjesspeul ‘t mojste wat  ’t gift”

Het woord kermis is waarschijnlijk een verbastering van kerkmis of kerkemis. Het was een plechtige hoogmis die eens per jaar ter nagedachtenis aan de patroonheilige werd opgedragen. De kerkelijke feestdag van Sint Petrus-Banden is 1 augustus. Het is zo goed als zeker dat vanaf de inzegening van de kerk op de eerste zondag in augustus de jaarlijkse Venrayse kermis werd gehouden.

Kermissen bestaan vanaf  het begin van de 14de eeuw. Aanvankelijk waren het vooral clowns, krachtpatsers, goochelaars en gymnasten die op de feesten afkwamen om hun kunsten te vertonen. Later kwamen er ook tenten voor volksvermaak, dansen en toneelstukken en zorgden rondtrekkende muzikanten voor een vrolijke noot. De kermisexploitanten kwamen meestal niet verder dan hun eigen provincie. De wegen waren te slecht om lange reizen te kunnen maken. Veel attracties werden nog met paard en wagen vervoerd. Dit veranderde eind 18de eeuw toen door de industrialisatie de lichaamskracht van mens en dier geleidelijk aan werd vervangen door machines. Dit had ook zijn weerslag op de kermisattributen.

 

De eerste draaimolens bestonden uit  een rechtopstaande paal met bovenop twee gekruiste  balken met 4 lange touwen. Bezoekers namen het touw en liepen zo snel rond, totdat ze begonnen te zweven. Later werden de draaimolens groter en voorzien van een plateau waarop allerlei dierenfiguren maar ook koetsen werden geplaatst. Rond 1900 werden de meeste molens door een paard in beweging gebracht (vandaar de dialectnaam “perdjesspeul”). Direct na de oorlog worden de draaimolens aangedreven door zelf opgewekte elektriciteit, inmiddels vervangen door generatoren of toegeleverde elektriciteit. Jarenlang was de salon-stoomcarrousel van Janvier een  vertrouwde attractie op de Venrayse kermis.

 

Paard

Aan het einde van de 19de eeuw ontstonden in Frankrijk, België en vooral  in Duitsland – in de omgeving van Dresden – ondernemingen die dierenfiguren voor draaimolens fabriceerden. Belangrijke fabrikanten waren Friedrich Heijn en Joseph Hübner uit Neustad. Dit  paard is ontworpen en gemaakt door Joseph Hübner volgens een voorbeeld uit de vele staalboeken die in die tijd werden uitgegeven.  Het is een zogenaamde Dresdener Aussenreiter met spiegeltjes aan de buitenkant en behoort tot de luxere ontwerpen.

Het paard maakte oorspronkelijk deel uit van de carrousel van de heer Geven uit Oirlo. In 1972 verkocht hij de draaimolen toen hij ophield met zijn kermisactiviteiten. Menig kind heeft een ritje mogen maken op dit ‘Venrodse’ paard.

De attracties werden in de jaren daarna steeds groter, hoger en sneller. Daardoor ontwikkelde de kermis zich meer en meer tot een mobiel pretpark. Maar de laatste jaren zien we het vertrouwde “perdjesspeul” weer terugkomen op de speciale kinderkermis, die tussen al ‘het geweld’ een eigen plaats heeft veroverd op het Gouden leeuwterrein.